Slome slakken en ondoordachte drollen

13 december 2015

Soms is het niet anders. Je loopt knetterhard tegen de frustratie aan van verder willen maar niet kunnen omdat je moet wachten. Wachten… Niet één van de sterkste punten van menig leerkracht of directeur. Als zo’n clownspoppetje dat wegrent terwijl de bretels worden vastgehouden, met van die voetjes die heel hard op de plaats een stomende geul slijten in warm asfalt. Tja. Teamprocessen gaan traag.

Soms worden er dan opvallende dingen gezegd: ik zou ze het liefst een schop onder de kont geven, ik wil NU verder! Of bijvoorbeeld: IK neem wel eigenaarschap, maar die anderen niet! Op deze school is het altijd zo! Wíj willen wel, maar zíj niet!

Andersom gebeurt het ook: het gaat te snel! Die gasten denken niet goed na, ze zijn veel te ondoordacht! We gooien nu zoveel weg wat óók allemaal ontwikkeld en beproefd is! Waarom het wiel opnieuw uitvinden? Ik heb het al druk genoeg! Dit is gewoon werken voor niets, ik heb dit al zó vaak voorbij zien komen en elke keer is het hetzelfde liedje!

Al deze opmerkingen tijdens een proces van eigenaarschap tonen aan dat daarvan nog niet veel sprake is. Simpel gezegd: zolang je (nog) schuld, schaamte en oordeel bij anderen legt, een oorzaak buiten jezelf de macht geeft over jouw frustratie en ongemak, dan sta je niet in je kracht.

Is het dus slecht, dat gemopper? Nee, natuurlijk niet. Boos zijn op te langzaam of te snel maakt maar weer eens duidelijk dat je écht wil. Dat je iets goeds wilt neerzetten, iets moois wilt doen. Maar wanneer je deel uitmaakt van een team heb je nou eenmaal te maken met verschillen.

En dan kun je wel eens kwaad worden. Of wanhopig vinden dat niemand je begrijpt. Dat niemand zoveel over heeft voor de school als jij, en misschien een handje vol collega’s. Daar kun je dan heel opstandig van worden, het wij-zij-gevoel krijgen. Je kunt ook denken dat je altijd de enige bent die over eigen grenzen gaat en dan maar afhaken omdat je de puf verliest. Je overweldigd voelen door die energieke types. Of je kunt er boven gaan staan en denken, pffff. Het zal wel. Ik doe gewoon mijn ding en ik zie wel wanneer de rest eindelijk óók inziet dat dit gekkenwerk is.

Allemaal stress-gevende of stress-onderdrukkende gedachten. Allemaal waar, vanuit kind, puber en jong volwassene gezien. Gedreven door de behoefte aan zaken als veiligheid, gezien worden en erkenning, is het soms lastig het gesprek aan te blijven gaan. Maar de volwassene, de in zijn of haar kracht staande jij, denkt er, als je even de ruimte neemt het te voelen, heel anders over.

De volwassen jij heeft de nieuwsgierigheid, openheid en verwondering van een kind. De avontuurlijkheid en durf om zaken aan de kaak te stellen van de puber. En de dromen en visie van de jong volwassene. Plus nog eens de ervaringen en levenswijsheid van de volwassene: ja, je kunt je dromen waarmaken en je weet ook hoe. Het is je immers al vaak genoeg gelukt.

Wanneer je zorgt voor je eigen veiligheid én die van een ander, wanneer je open en eerlijk communiceert over wat zich bij jou afspeelt en de ander ruimte geeft dat óók te communiceren, en wanneer je blijvend met elkaar reflecteert lukt het ieder team een gezamenlijke visie vorm te geven in woord en daad. Het omhelzen van verschillen is daarin een belangrijke stap.